|
Jennifer Terran Press:
|
|
ROOTSTOWN MUSIC:
|
| IN DUTCH (in English) November 4, 2002 Nekkersdal, Brussel (B) |
|
Op 4 november stelde Jennifer Terran The Musician voor, die nu eindelijk ook in België te verkrijgen is (via Munich); een briljante cd, daar zijn Oor, Heaven en Rolling Stone unaniem over. Er gingen twee andere cd-presentaties aan vooraf van artiesten die iets hebben met Minneapolis. Robert McCreedy, de songschrijver bij de Volebeats, valt met zijn eerste solo-cd Streamline (Rustbelt Records, distr. Sonic Rendezvous) aan de goeie kant van Travis/Jayhawks/Marc Olson. Zijn zang is niet zijn sterkste kant (ook niet op cd) maar we horen wel waarom de man gecoverd wordt door vakgenoten als Laura Cantrell (Two Seconds). Castle, This Time Around, My Little Detroit 318, allemaal fraaie songs die het werk van de nieuwe aanvulden (Gone Again, Holding On, Too Much Love en de opener van de cd die het optreden afsloot, het gedreven Diana), een genot voor wie houdt van bovengenoemde formaties. De cover van September Girls van Alex Chilton kan je alleen maar een gelukkige keuze noemen. McCreedy werd begeleid door de goed zingende zangeres Dina Thompson, door pedal steel gitarist Jimmy Johnson (die leuke dingen liet horen) en enkele leden van Bellwether, een formatie die op haar beurt een cd in de aanbieding heeft. Home Late (Safe House Records, distr. Sonic Rendezvous) is de derde, en het ziet ernaar uit dat die dezelfde weg op zal gaan van Turnstiles en Bellwether, die het aardig deden bij kritiek en publiek. Zanger-gitarist Eric Luoma wist ons tijdens de gevarieerde set af en toe echt te boeien (Farmyard, Make Your Goodbyes) De band met de opvallende ritmetandem bassist Phil Tippin en drummer Mick Wirtz, plus gitarist Jimmy Peterson, had er danig zin in en voelde zich evengoed thuis in de stevige rocker (Giving My Love Away) als in de archetypische ballad (I'm Gonna Leave The Stars Outside) Twee keer een sympathieke set van vaklieden: voor nogal wat mensen vloekte het met de bloedstollende verstilling van Terran. Een concert waar we met meer dan gemiddelde belangstelling naar uitkeken. Op 9 maart ll. had ze gans aan het eind van haar tot Nederland beperkte, allereerste buitenlandse toer een pracht van een afsluitend optreden gegeven in de Brugse Cactus. Of preciezer gezegd: ze had daar ondubbelzinnig bewijs geleverd van een groot en zeer eigenzinnig talent dat echter nog uitgezuiverd moest worden en zijn theatrale niche moest vinden. We waren toen inderdaad vrij streng voor de presentatie, maar niet voor de essentie: Jennifer Terran is een verrijking voor de wereld van de singer-songwriters. We kenden toen al dat wonderlijke conceptalbum The Musician, voor een stuk de projectie van haarzelf maar dan wel in een fictieve situatie: het talentrijk meisje Magdaline ontdekt dat de muziekindustrie één rotte boel is en schiet de 'record executive' neer, een niet mis te begrijpen metafoor. We leerden sinds Brugge The Rabbit kennen, met zijn magistrale openingssong, en Cruel, een groeier van een cd en sindsdien een lieveling van onze laser. We hielden mailcontact en sinds kort ligt The Musician ook hier in de winkels… en die krijgt 'rave reviews' in de vakpers (zie o.a. Focus Knack). We zijn er ook definitief achter dat je Jennifer wel kan probéren te labelen of referentiepunten te vinden voor haar werk (Tori Amos, Ani Difranco, Michelle Shocked, zelfs onze An Pierlé, en als je in het verleden duikt de vroege Joni Mitchell…) maar dat dit op de keeper beschouwd allemaal verloren moeite is: ze vormt nu eenmaal een categorie op zichzelf. Als je dan toch een ankerpunt wil, kunnen we veeleer verwijzen naar de hoge, zuivere stem én de volstrekte eigengereidheid in schrijven en uitvoeren van een Jane Siberry en haar vele boeiende cd's (No Borders Here, When I Was A Boy…) of een Mary Margaret O'Hara met die éénmalige voltreffer Miss America. Dat zijn twee artiesten die ook zorgvuldig waken over de kwaliteitsstandaard van wat ze doen. In Brussel hadden we de tijd om, buiten de concertzaal, het verschijnsel Jennifer Terran nader te leren kennen, en ook haar echtgenoot Brendan Statom, die met zijn contrabas zowel klassiek als jazz speelt, maar zich ten dienste van Jen zowat wegcijfert: het is háár ding. Je zou er bijna aan voorbijgaan hoe effectief Statom haar begeleidt. Nou, in Nekkersdal bood zij een concert dat ons nog lang zal heugen. Enerzijds, al het goeds van Brugge kunnen we herhalen: haar pianospel (ze liet niet na de organisatoren te danken voor de vleugel die ze bij wijze van verrassing hadden laten aanrukken), haar duizelingwekkend mooie, hoge stem die ze effectief maar zonder maniertjes hanteert, de onverwachte thematiek van haar songs (onverwacht als je haar niet kent, want ze spreekt wel degelijk vanuit de buik en over haar dagelijkse leven), hoe ze haar al even duizelingwekkende fysieke verschijning incorporeert in dat geheel: sexy en sensueel, maar nooit uitdagend, plat of commercieel. Dat kan men ook op haar site bewonderen: www.jenniferterran.com. Anderzijds bleek ze geleerd te hebben van haar eerdere verschijnen. Het toen in Brugge door ons weinig gesmaakte Sweet Love kreeg ditmaal een opvallend betere uitvoering en dat is illustratief voor het hele concert: het vloeide deze keer allemaal in mekaar, het was gebald, compact, to the point, zonder iets te verliezen van zijn freakiness, spontaniteit en integriteit. Nee, we denken niet dat deze eigengereide dame rekening hield met onze kritiek, al hebben we wel van gedachten gewisseld over onze standpunten. Ze heeft gewoon haar eigen conclusies getrokken. Doordat ze slechts tegen kwart voor elf aan het optreden kon beginnen bond ze wellicht vanzelf al in. Dat neemt niet weg dat het zonneklaar was dat ze in de vorige maanden gesleuteld had aan de voorstelling: de set liet een opvallend meer volwassen en voldragen indruk. Je kijkt ook op van de diversiteit. Terran is evenveel performer als entertainer (zonder een 'rol' te spelen) en ze bespeelt een brede waaier aan gevoelens. Hoe etherisch mooi haar liedjes ook kunnen zijn (het imposante Mad Magdaline), ze aarzelt niet het volgende ogenblik te klauwen en te snauwen. Ze gaat moeiteloos van het ene naar het andere uiterste. Ze hoeft daar niet voor te krijsen of wild rond te huppelen. Een pianotoets, een dissonant, een welgemikt woord volstaan. Nee, ze maakt het de toehoorder bepaald niet makkelijk met die wisselende stemmingen, dat slingeren tussen uitersten. Ze is niet gekomen om mooi en lief te wezen, maar ze is dat ten overvloede wél voor wie dat volgens haar verdient. Ze kan intrigeren en fascineren als in The Fly Fisherman (een broeierig ,,A big brown trout is there…'' en je kijkt al onder je stoel) Ze kan je ook volledig ontwapenen als in die song over haar kat Kitty: "Though the vet says she's a boy, she's a girl, no matter what they say". In het vingerknippende Daddy's Money ontmaskert ze de hebberige gevoelens die ieder van ons maar al te bekend zijn, al willen we dat liefst niet geweten hebben. De masturbatiesong L.A. 101 bouwde ze ook nu weer met de megafoon uit tot een ijzingwekkend grootstedelijk epos. Barbie's Dead (met de heerlijk diep gestreken tonen van Brendan) gaf aanleiding tot tragikomische bedenkingen rond het rollenpatroon dat meisjes wordt opgedrongen, de 'all American dream' als witteboordencriminaliteit, als oorzaak van veel menselijk leed. De harige Barbies hebben intussen het gezelschap gekregen van een al even verlepte Ken, een aandoenlijke kliek die lak heeft aan opgedrongen en onrealistische schoonheidsidealen. Nee, deze Jennifer Terran zal bij Bush niet op de koffie mogen, vrezen we. En evenmin bij bepaalde speelgoedfabrikanten. Kippenvel bij Rabbit en bij tweede bis Santa's Secret (Venite Adoremus) (ook op The Musician een meesterwerk), die dit concertje mee tot uitzonderlijke hoogte tilden. Tegen de tijd dat u dit leest zal ze ook een privé-optreden afgewerkt hebben in Herfelingen (9 november), maar als ze volgend jaar, wellicht na het afwerken van haar vierde cd, weer eens overkomt (mei wellicht), zouden we u toch willen aanmanen eens te gaan luisteren. Jennifer Terran is een artiest zoals er maar heel weinig rondlopen… (Antoine Légat) ENGLISH TRANSLATION A concert we were awaiting with a more than casual interest. On March 9th she had given a wondrous concert in Cactus Club Brugge at the very end of her first tour abroad which was for the rest limited to Holland. More precisely: she had given firm proof of a big and very idiosyncratic talent that only needed to be worked out and still had to find its theatrical niche. Indeed we were very severe on the part of presentation, but not for the essence: Jennifer Terran is an enrichment in the world of the singer-songwriters. At that time we already knew the wonderful concept CD The Musician, partly a projection of herself but then in a fictitious situation: the talented lady singer Magdaline discovers that the record industry is one big rip off and shoots the record executive, responsible for the mess, a well-understood metaphore. Since Brugge we learned to know The Rabbit with its impressive title track, and Cruel, a CD that grows with each listening and since then a regular client of our laser. We kept mail contact and recently The Musician hit our shops…getting rave reviews in the music press (see e.g. Focus Knack) We finally concluded that you can always try to label or pinpoint Jennifer Terran and her work (Tori Amos, Ani Di Franco, Michelle Shocked, or even our An Pierlé, and further away in time the early Joni Mitchell…) but that this exercise is futile, because she forms a category in itself. If you absolutely want an anchor point we can refer to the high and pure voice and the total uniqueness in writing and executing of Jane Siberry (with her many exciting records like No Borders Here and When I Was A Boy) and Mary Margaret O'Hara with than one time miracle Miss America. These are two artists who also carefully guard the quality standard they stand for. In Brussels we had the time to learn to know this phenomenon Jennifer Terran outside of the concert room, and also her husband Brendan Statom, who plays classical music and jazz on the double bass, but in service of Jennifer almost erases himself: this is her thing. You would almost forget how effectively he backs her on stage. Well, in Nekkersdal she played a concert that will linger for a long time. On the one hand: all the good we were able to collect in Brugge can easily be repeated: her piano plying (she didn't forget to thank the organisers for hiring a concert piano just as a pleasant surprise), her breathtakingly beautiful high pitched voice that she employs effectively and without exaggerated mannerism, the unexpected themes of her songs (unexpected if you don't know her, because she really talks straight about daily life and experiences), how she incorporates her equally dizzying physical appearance in that whole: sexy and sensual, but never provoking, low down or commercial. This can be admired on her site. On the other hand, she proved to have learned from her earlier appearance. Sweet Love which we loathed in Brugge this time got a far better execution and that's illustrative for the whole concert: it all flowed harmonically, it was concentrated, compact, to the point, without losing any of its freakiness, spontaneity and integrity. No, we sincerely do not think this independent lady took our criticism into account, although we exchanged ideas on that matter. She just drew her own conclusions. As she could only start the performance towards eleven o'clock (there were two other CD presentations, by Robert McCreedy and Bellwether - see elsewhere) she probably automatically refrained. But that doesn't mean she hadn't worked on the show, and very clearly so: the set gave a remarkably more mature and full impression. Ou just marvel at the diversity. Terran is as much performer as entertainer (without however playing anuy kind of 'role') and she plays with a rich gamma of feelings. Her songs can be ethereally beautiful (the imposing Mad Magdaline) but the next moment she can equally moan and groan, going from one emotion to the other effortlessly. And she doesn't need to scream or to run around fervently. One piano touch, a dissonant, a well aimed word suffice. No, she doesn't give the listeners an easy task with these shifting moods, going through extremes. She hasn't come to be nice and tender, but she can be, and in a high degree, for those who deserve it. She can intrigue and fascinate as in The Fly Fisherman (a moody ,,A big brown trout is there…'' and you're already looking under your chair!) She can disarm you completely as in the song about her cat Kitty: ,, Though the vet says she's a boy, she's a girl, no matter what they say.''. In the finger snapping Daddy's Money she uncovers the greedy feelings we all know very well, but shun to admit. Once again she upgraded the masturbation song L.A. 101 with the megaphone up to a dazzling metropolitan epic. Barbie's Dead (with sublime deep tones engendered by Brendan) gave rise to a lot of tragically comic thoughts about the role model the doll shoves into the lives of young girls, the All American Dream as white collar criminality, as cause of massive human suffering. Her barbies full of skin and pubic hair have in the meantime received company of a quite as hairy Ken, a dismaying flock that doesn't give a damn for enforced and unrealistic beauty standards. No, this Jennifer Terran will never be asked for coffee hour with George Walker Bush, nor with the toy manufacturing industry. Chicken skin with Rabbit and with second encore Santa's Secret (also on The Musician a master track) that lifted the concert to exceptional heights. When you read this she will have given a private concert in Herfelingen (November 9th) but when she comes over again next year, probably after finishing off her fourth CD, most likely in May, we would strongly advise you to go and listen. Jennifer Terran is an artist all too unique. Antoine Légat. P.S. In Herfelingen we saw Mundane at work, a really nice band around Pieter Leunens (the landlord!) Mundane listened well to Will Oldham, Tindersticks and the lounge scene. Varied and good songs with breaks and key/rhythm changes that work, a base that's OK: hypochondriacs in colour. There is still work to be done, though, but it only seems a matter of holding on. That can be heard on their brand new first single Moonshine, the cheap 3 Euro you pay for it can't stop you from buying it. The subtle sounds of Jennifer Terran suffered a lot from part of the audience that just came to have a good time at the bar. A pity because there was, once again, a lot to be |